Stap 1: Kies een route
- Bepaal welke straat of straten in de schoolomgeving de leerlingen onderzoeken.
- Kies bijvoorbeeld straten waar veel leerlingen stappen of combineer enkele straten met verschillende soorten voetpaden.
- Betrek ouders of grootouders bij de actie en vraag hen om mee op stap te gaan.
Stap 2: Bereid de actie voor
- Bespreek met de leerlingen waarop ze tijdens de wandeling letten: vrije doorgang, obstakels, zichtbaarheid en de staat van het voetpad.
- Spreek af wat leerlingen zelf mogen opruimen en welke knelpunten ze alleen registreren of melden.
- Voorzie het nodige materiaal, zoals fluohesjes, handschoenen, afvalgrijpers, het onderzoeksblad en eventueel een meetlint.
- Gebruik een smartphone of tablet om knelpunten te fotograferen.
Stap 3: Ga op onderzoek
- Laat leerlingen vooral observeren:
- Is het voetpad goed begaanbaar?
- Welke obstakels staan in de weg?
- Is er voldoende ruimte om te stappen?
- Beperkt iets het zicht, bijvoorbeeld bij een kruispunt of oversteekplaats?
- Voor wie vormt dit een probleem?
Stap 4: Breng knelpunten in kaart
- Noteer, fotografeer en meet de knelpunten die de leerlingen onderweg tegenkomen.
- Duid de locaties eventueel aan op een kaart van de schoolomgeving.
- Kijk goed naar het soort knelpunt. Een fiets of deelstep die in de weg staat, vraagt een andere aanpak dan een foutgeparkeerde auto, overhangend groen of een te smal voetpad.
- Bespreek welke knelpunten de leerlingen zelf veilig aanpakken en welke een andere oplossing vragen.
Stap 5: Steek de handen uit de mouwen
- Gebruik wegwerphandschoenen en eventueel afvalgrijpers om voetpadrommel veilig op te ruimen.
- Laat leerlingen bijvoorbeeld losse bladeren, kleine takken of afval opruimen als die de doorgang hinderen.
- Bekijk welke eenvoudige obstakels veilig een betere plaats krijgen, bijvoorbeeld een lege vuilnisbak.
- Maak duidelijke afspraken over wat leerlingen niet aanraken of verplaatsen.
- Laat scherpe voorwerpen, gevaarlijk afval en zware obstakels liggen en meld deze aan de school of gemeente.
Stap 6: Maak anderen bewust
- Gebruik de Voetpad Vrij-hanger om op een positieve manier aandacht te vragen voor obstakels die de doorgang hinderen.
- Hang de hanger aan een fiets, step of ander obstakel dat hinderlijk op het voetpad staat.
- Bevestig dit niet aan verkeersborden, verkeerslichten, verlichtingspalen of ander straatmeubilair.
- De boodschap op de hanger maakt duidelijk waarom vrije doorgang belangrijk is voor iedereen.
- Bespreek vooraf met de leerlingen wanneer een hanger past. Niet elk knelpunt leent zich hiervoor.
- Gebruik de hanger als vriendelijke boodschap niet als verwijt naar de eigenaar.
Stap 7: Signaleer knelpunten
- Niet elk knelpunt is eenvoudig op te lossen. Denk aan een foutgeparkeerde auto, overhangend groen, een beschadigd of te smal voetpad, een vast obstakel of een onveilige inrichting.
- Verzamel de knelpunten die tijdens het onderzoek naar boven kwamen en die verdere actie vragen.
- Noteer de locatie en voeg indien nuttig een foto of korte beschrijving toe.
- Bekijk wie het knelpunt het best aanpakt, bijvoorbeeld de gemeente, de school, een buurtbewoner of een andere verantwoordelijke.
- Bezorg de bevindingen aan de juiste persoon of dienst en vraag aandacht voor een mogelijke oplossing.
- Volg later samen met de leerlingen op of het knelpunt aangepakt is.
Stap 8: Verdien een tentakel
- Goed gewerkt! De leerlingen hebben de voetpaden onderzocht en meegewerkt aan vrije, veilige en aangename voetpaden voor iedereen.
- Rond de actie samen af en blik kort terug op wat de leerlingen ontdekten en bereikten.
- Deel de resultaten of foto’s met ouders, de school, het Octopusplan of de gemeente.
- Vraag een tentakel aan voor de Octopusjaarwedstrijd.

