8. Landen

Aandachtspunten:
  • Nooit met gestrekte benen landen
  • Landen op de bal van de voet, niet op de hielen of platte voeten!
  • Voeten landen gelijktijdig, niet breder dan de heupen en wijzen naar voren, evenwijdig naast elkaar
Materiaal:
  • Een stevige landingsplaats
  • Landingsplaats mag niet glad zijn en mag niet hoger dan de knieën zijn
  • Voorbeelden: grond, speeltuigen, bank, muurtje, trap,…


Niveau 1


Spring op de begane grond van punt a naar punt b (werk met krijt). Kom op een correcte manier neer (zie aandachtspunten).



Niveau 2


Spring van op de begane grond tot op een verhoog.



Niveau 3


Maak de afstand groter en werk met niveauverschillen. Probeer van op de grond op de tweede of derde trap te landen bijvoorbeeld.



Bekijk de algemene instructievideo